Ruud Idzerda eind 1944 met 'zijn'P-40 Kittyhawk nr. 562 in Merauke op Nieuw-Guinea. Op 9 juli 1945 werd hij met dit toestel door de Japanners neergeschoten en belandde hij met z'n para chute in het oerwoud. af, maar er bleef zoveel tijd over dat we ons kapot verveelden. Merauke bestond uit een stel hutten die eerdere Japanse bombardementen hadden overleefd; er was absoluut niets te doen. Het was veel te heet om te sporten en zwemmen in zee was levensgevaarlijk vanwege de haaien en krokodillen. Alleen de jacht op wilde zwijnen en herten zorgde zo nu en dan nog wel eens voor wat afleiding. Nog erger dan de verveling waren echter de talloze muggen die ons nooit met rust lieten. Soms sloten we weddenschappen af wie van ons in één klap de meeste muggen kon vangen op een blote arm. Dat waren er toch altijd wel een stuk of zeven of acht. Toch was ons verblijf in Merauke niet zonder gevaar. Enkele collega's zijn boven het oerwoud spoorloos ver dwenen. Het radiobereik van de Kittyhawk was maar een paar honderd kilometer en als je daarbuiten neerstortte of werd neergeschoten had je nauwelijks kans om ooit nog te worden teruggevonden.' Whisky voor een tent Na hevige gevechten en ten koste van zware verliezen weten de Ame rikanen begin juni 1944 de Japanners te verjagen uit de koraalgrotten van een Nederlandse officier. Die kende mijn naam en wist wat ik had gedaan. Want hij was de man van de vrouw die ik uit het oliewater van de haven van Broome had gered. De volgende dag werden we nog zeker tien minuten uitgekafferd door schout-bij-nacht Koster. Maar aan het slot van zijn tirade gooide hij een paar bonnetjes op tafel waarmee we in het kledingmagazijn nieuwe uniformen konden halen. De volgende dag werden we beëdigd als officier zeewaarnemer der derde klasse. Van deserteur dus tot reserve-officier. Een snelle carrière... Ik heb meteen maar van de gelegenheid gebruik gemaakt om een vliegeropleiding aan te vragen. En dat gebeurde. Ik werd naar de Verenigde Staten gestuurd.' Muskieten in Merauke Als enige marineofficier die was gedetacheerd bij de Militaire Lucht vaart Knil wordt Idzerda ten slotte ingedeeld bij het op 10 december 1943 opgerichte '120 Squadron'. Dit squadron bestaat uit ongeveer veertig Nederlandse en Indische vliegers onder administratief bevel van de Australische Luchtmacht. Het 120 Squadron heeft de beschik king over 24 eigenlijk verouderde Kittyhawks die wat betreft wend baarheid en stijgvermogen geen partij zijn voor de snellere Japanse jagers. De eerste standplaats van dit 120 Squadron wordt Merauke. Dat is de enige plek in het uiterste zuiden van het vochtige, broeihete Nieuw-Guinea die niet door de Japanners is bezet. Idzerda: 'Twee keer per dag, 's ochtends en 's middags, gingen vier Kitty hawks de lucht in op zoek naar Japanners. Daarbij wisselden we elkaar Vliegers van Jachtsquadron 120 stand-by op Merauke in 1944. Tweede van links is de later gesneuvelde sergeant vlieger Hirdes. Vierde van links, liggend, Ruud Idzerda. Vijfde van rechts is Hans Knoop, de latere Bevelhebber der Lucht strijdkrachten. april 2007 47

Moesson Digitaal Tijdschriftenarchief

Moesson | 2007 | | pagina 47