In Oost-Timor gaan de kiezers
8 mei opnieuw naar de stembussen
om een nieuwe president te kiezen
in de tweede ronde van de eerste
vrije verkiezingen sinds de jonge
natie in 2002 formeel onafhanke
lijk werd. Veel Timorezen hopen dat
een nieuwe president eindelijk de
negatieve spiraal van chaos en ge
weld kan doorbreken in de voorma
lige Portugese kolonie.
TEKST EN FOTOGRAFIE JAN LEPELTAK
Hoop en angst
in Oost-Timor
Een eenvoudige oplossing is er niet voor de politieke crisis die Oost-
Timor sinds april vorig jaar in de greep houdt. Hoewel acht kandida
ten streden om het presidentschap, zijn de verkiezingen vooral een
machtsstrijd tussen enerzijds de oude onafhankelijkheidspartij Fretilin
en de coalitie van president Xanana Gusmao, en anderzijds de huidige
premier Ramos-Horta en de rooms-katholieke kerk die een zeer slechte
verhouding heeft met het socialistische leiderschap van Fretilin.
De tweede ronde van de verkiezingen is een belangrijke graadmeter
voor de parlementaire verkiezingen op dertig juni. Hoewel het voor
heen almachtige Fretilin veel van zijn landelijke steun heeft verloren,
lijkt de onafhankelijkheidspartij zich diep in te graven voor de campag-
nestrijd tegen Ramos-Horta en de nieuwe politieke partij van president
Gusmao, het Congres voor Nationale Wederopbouw.
Spookstad
Net zoals bij de meeste kiezers, telt voor de 33-jarige Jacinto Nororha
en zijn gezin maar één ding: vrede. 'Natuurlijk zijn we nog steeds bang.
Anders zouden we hier niet zitten', zo vertelt Jacinto die al sinds mei
vorig jaar met zijn gezin in het vluchtelingenkamp in Comoro dichtbij
de kleine luchthaven woont. Hier brengen de duizenden, overwegend
werkloze vluchtelingen al bijna een jaar hun tijd door in de snikhete
tenten.
In het vluchtelingenkamp is vliegeren de grote sport, zo vertelt de
achtjarige Victor in het Indonesisch. Hoewel hij zelf weer naar school
gaat, is een normaal schoolleven onmogelijk. De meeste gezinnen
verhuizen regelmatig naar een nieuw vluchtelingenkamp en enige
overheidscontrole op schoolbezoek ontbreekt. Ook is er maar weinig
eten. Het is slechts een handvol gezinnen gelukt om kleine handeltjes
te beginnen in pakjes Indomie, drinkwaren en zeep. Alles wordt uit
Indonesië geïmporteerd.
De hoofdstad Dili is sinds de crisis in april 2006 in een spookstad
veranderd. 's Avonds na acht uur is het muisstil op straat en rijden er
slechts spierwitte jeeps van de VN-politie met grote snelheid door
moesson