Ik huur een pawang hujan - een
regenman - om de door mij georganiseerde
golftoernooien droog te houden
Hij heeft mij nog nooit teleurgesteld'
DOOR CINDY LUGTEN
FOTO'S LUCAS VAN DER GEEST
shoppingmalls. Starbucks, McDonalds, techno-muziek en westerse tv-
programma's zoals Desperate Housewives en Idols maken deel uit van
het dagelijkse leven in de hoofdstad. De westerse mode heeft ook hier
een plaats gevonden en niemand gaat zonder zijn mobieltje de deur
uit. Toch blijft Jakarta een stad van contrasten.
'Wat een schurk! En ik begrijp niet wat hij in haar ziet', zeg ik tegen
mijn vriendin. We zitten in een klein restaurant en kijken uit het
raam. Onze collega kijkt schichtig om zich heen voordat hij het hotel
binnenloopt met een dame die niet zijn vrouw is. We hebben haar al
eerder op het kantoor gezien: een vrouw van midden dertig met harde
ogen en een slechte huid. Haar valse lach en superhoge hakken vinden
minstens drie keer per week ons kantoor.
'Susuk, Cin,' zegt mijn vriendin Ratna, tussen haar laatste slokjes
kelapa muda. 'Susuk is een magische speld gemaakt van zilver of goud.
Vrouwen gebruiken het om mannen te lokken.'
Ik wuif haar uitleg weg. Ik ken het principe. Een dukun, oftewel Indone
sische medicijnman of -vrouw, plaatst de susuk in het lichaam, meestal
het gezicht, van een vrouw. De magische krachten die de dukun in de
speld heeft aangebracht, zou de vrouw aantrekkelijker maken dan ze
eigenlijk is. Alleen een dukun kan een susuk plaatsen of eruit halen.
Het schijnt dat je niet dood kan gaan zolang het nog in je lichaam is.
Het pijnlijke gevecht tegen de dood kan weken duren, totdat de dukun
het er uit haalt. Ratna vraagt of ik een susuk wil. Haar dukun is erg
goed en niet duur. Zelf gebruikt ze geen susuk maar ze laat wel haar
poederdoosje zegenen in de hoop een man aan te trekken.
Ratna is niet de enige vriendin die regelmatig gebruik maakt van een
dukun. Een Nederlandse vriendin raakte helemaal verstrikt in goena-
goena, de zwarte magie van Indonesië. Een dukun moest de bezwering
van een rivale letterlijk uit haar lichaam zuigen.
Ketok Magic
Ariefin is in paniek. Hij heeft stiekem de auto van zijn zus geleend. Een
deuk in de deur zal haar dit keer zeker niet ontgaan. Zijn eigen domme
fout. Hij gooide de deur open zonder te kijken, pats tegen een boom.
Hij wil geld lenen. Het bedrag is belachelijk laag. 'Je laat het toch niet
repareren door een of andere beunhaas?', vraag ik bezorgd. 'Tuurlijk
niet', zegt hij verontwaardigd. 'Er is een hele goede Ketok Magic om de
hoek.'
Ketok Magic. In elke wijk is er wel één. De naam komt van het geluid
dat gemaakt wordt achter het metalen hek. Niemand mag kijken wat
er gebeurt. Magic zorgt ervoor dat je auto met de hulp van boven
natuurlijke krachten weer gezond wordt gemaakt. Het kost maar een
fractie van wat een gewone garage rekent. De volgende dag zie ik Arie
fin. Met een dikke grijns lost hij zijn schuld af. De deuk is verdwenen.
Ik ben sceptisch. Dukuns zijn gewoon gewiekste zakkenvullers, hou ik
mijzelf voor. En Ketok Magic is een plek waar monteurs stiekem een
zakcentje bijverdienen naast hun werk in de garage.
Maar 's avonds in mijn bed denk ik terug aan de verhalen die ik als
klein kind afluisterde. En ik huur zelf elke keer een pawang hujan, een
regenman, om de door mij georganiseerde golftoernooien droog te
houden. Hij heeft mij nog nooit teleurgesteld, zelfs niet in de regentijd.
Ik woel in mijn bed en ga in gedachten vijftien jaar terug. Mijn toen
malige man kreeg een huis toegewezen van zijn bedrijf. Een leuk huisje
met twee slaapkamers en mooie oude bomen in de tuin. Maar er was
een probleem. Geen enkele bewaker van het bedrijf wilde voor ons
werken. Het huis stond al drie jaar leeg en verschafte volgens de be
wakers onderdak aan onzichtbare krachten. Mijn man was gedwongen
om tegen de regels van zijn bedrijf in te gaan en huurde een nachtbe
waker van buitenaf. Adam, een ex-politieagent en een boom van een
kerel, beweerde nergens bang voor te zijn. Na één avond gaf hij het op.
De hele avond schudde een onzichtbare hand aan zijn stoel.
Wat nu? Mijn man wilde niet verhuizen totdat we een nachtbewaker
hadden. Een vriendin wist raad en nam mij mee naar het huis van haar
moeder waar ik haar oudere zus ontmoette. In haar slaapkamer pakte
ze een stuk papier en tekende mijn huis. Met drie kruisjes gaf ze aan
waar de drie geesten zaten. Twee in de garage en een in de keuken.
Om de geesten vriendelijk terug te drijven naar de twee bomen in de
tuin, moest ik drie dagen lang bordjes met rijstepap en gula jawa in
elke kamer van het huis zetten. Terwijl ik de bordjes ververste, moest
ik de geesten toestemming vragen om in te trekken. Blijkbaar was
mijn rijstepap niet te eten want een week later verhuisden we zonder
problemen. En onze nachtbewaker werd nooit meer wakker geschud
door onzichtbare handen.
Ik voel het zelf. De mystiek in Indonesië is nog steeds aanwezig. Het
is misschien bijna onzichtbaar in de grote lawaaierige stad Jakarta,
maar de onmiskenbare dreiging van de kracht leeft in de bewoners in
stilte door.
Het is de stille kracht... het leven in het leven... de mystiek der zichtbare
dingen... die afwijkt van wat logisch schijnt.
(Louis Couperus, De stille kracht, 1900)
juni 2007 21